SchoolbezoekOpdracht in aflevering 6

De groep wordt gesplitst. Eén drietal gaat spullen kopen in de stad, die van belang kunnen zijn voor een basischool. Het andere drietal doet hard z'n best om zoveel mogelijk Spaanse vertalingen van voorwerpen te leren.

Tags: Locals, Leren en Stad

Bij deze opdracht is men in het voordeel als men Spaans spreekt of verstaat en Karel vraagt de groep om de drie mensen aan te wijzen, die dat het beste kunnen. Roderick, Frédérique en Milouska worden uitgekozen en krijgen een rondleiding door een Spaanstalige school. Ze stellen veel vragen om zoveel mogelijk te weten te komen en ze merken, dat de school er moeilijk kan rondkomen.

Na de rondleiding moet het drietal een lijst maken van tien dingen die ze op de school goed zouden kunnen gebruiken. De lijst is vrij snel af en dan geeft Karel hen de opdracht: Haal zoveel mogelijk spullen van deze lijst. Ze krijgen €1000 uit de pot en krijgen twee uur de tijd, waarvan ze één uur nodig hebben om met een pick-up-truck naar de stad te komen en terug.

De andere drie krijgen in een klaslokaal een bord te zien met vijftig Nederlandse woorden. Zij krijgen twee uur de tijd om bij de kinderen de vertaling van die vijftig woorden te achterhalen en ieder van hen moet binnen twee uur de Spaanse versie kennen.

Ze laten de kinderen alle Spaanse vertalingen op het bord schrijven achter de Nederlandse woorden, en komen zo al snel achter de meeste dingen. Intussen is het eerste drietal in Salta voor de boodschappen. Zij weten echter niet de Spaanse vertaling van wat zij nodig hebben.

Al snel staat het bord vol met de vertalingen. De kinderen zijn enthousiast en helpen met veel plezier mee om de lijst af te krijgen binnen de gestelde tijd. Dan gaan ze de woorden uit hun hoofd leren en dat gaat lastiger. Ook in de stad wordt het stressen en er ontstaan irritaties wanneer de groep zich opsplitst.

De kandidaten zijn binnen de tijd terug bij de school. Van de 3500 pesos hebben ze nog 270 over. Ze hebben geen boekenkast gekocht maar ze hebben gelukkig ook geen voorwerpen die niet op de lijst stonden. Dan wordt het andere drietal erbij gehaald, samen met de kinderen.

De andere kandidaten moeten nu de Spaanse woorden geven van alles, wat het eerste drietal gekocht heeft. Elke juiste benaming is 250 euro waard. Er gaan een hoop voorwerpen goed, maar Toine maakt een fout want uitgerekend hij weet de voetbal niet. Richard maakt een fout met speelgoed en dat vult de pot met €2000 minus de €1000 inkopen.

Afbeeldingen

© 2023 Ronald van der Velden